Behandelen van een melding
Richtlijn voor het afhandelen van meldingen.
Conform de levensloop van een melding streven we naar een duidelijke eindstatus. Op basis hiervan komen we tot volgende richtlijnen voor de statussen opgelost, afgewezen en gesloten.
Status | Wanneer te gebruiken? | Opmerkingenveld |
|---|---|---|
Opgelost | Het is duidelijk dat een antwoord is geboden op de origineel gestelde vraag. Een vraag tot bv. het toevoegen van een eenheid, resulteert in toevoeging van deze eenheid. | Optioneel |
Afgewezen | Het is duidelijk dat de originele vraag bekeken is, maar hier om gegronde redenen geen gevolg aan gegeven kan worden. | We raden ten zeerste aan om een motivatie op te nemen in het commentaarveld. |
Gesloten | De originele vraag is niet meer van belang, bv. omdat deze melding een dubbel is van een andere melding of omdat de melding reeds is opgelost. De originele vraag is voldaan, maar niet door bijkomende acties op dit meldingsobject. | We raden aan om een motivatie op te nemen. |
Hoe kan ik best een melding behandelen?
Binnen de levensloop van een melding onderscheiden we drie mogelijke eindstatussen: opgelost, afgewezen of gesloten. Deze hebben elk hun rol in een optimaal proces. De eindstatus is het belangrijkste communicatiemiddel voor de melder om te weten of het probleem dat gemeld werd, is opgelost. Hieronder geven we enkele voorbeelden.